Expositie Alblasserdam

KUNSTENAARS  (Aan deze pagina wordt nog gewerkt)

De plaats van het beeld correspondeert met het nummer op de kaart.
Namen staan alfabetisch.

Henk van Bennekum (1)
Rosalinda van Ingen Schenau (2)
Bert Nijenhuis (3)
Nick Renshaw (4)
Linda Verkaaik (5)
 Marcel van Zijp (6)

 Hier komt de kaart van Alblasserdam

henk-van-bennekum-cyclus-2

(1) Henk van Bennekum, Cyclus, 1981 / 2011; gecoat staal, b 750 cm,250, Ø 500 cm


Henk van Bennekum

Hardinxveld, 1946 Academie voor Beeldende Vorming Tilburg
Woont en werkt in Hardinxveld-Giessendam en Malleray, Frankrijk
www.henkvanbennekum.nl

De beeldtaal van Henk van Bennekum sluit aan bij de geometrisch abstracte stroming die in de jaren zestig in Nederland opkwam en die uitblonk in helderheid en soberheid. Met een minimum aan middelen werden beelden geconstrueerd waarin de opbouw duidelijk afleesbaar was. De werkwijze van Van Bennekum wordt nog steeds gekenmerkt door een wisselwerking tussen exacte berekening en intuïtie, waarbij de ordening van de (geometrische) vormen tot stand komt volgens principes van deling, wenteling, schakeling of vouwing. Van Bennekum werkt veelal in staal, zowel roestvrij als gecoat staal. Het beeld Zonder titel (2005) is een eenvoudige cilindrische verschuiving waarbij door de open verticale deellijn een stapeling wordt gevisualiseerd; dit wordt versterkt door het kleurcontrast tussen binnen- en buitenzijde. In het beeld Opengevouwen prisma II (1985-2000) bestaat de tweedeling / het vouwen uit twee identieke vormen die via de diagonaal van een vierkant zijvlak ‘opengevouwen’ worden. De sculptuur gaat over het beleven van perspectief en open volumes en heeft visueel de neiging naar je toe te kantelen: een dynamisch spel van kijken en beleven.

henk-van-bennekum-cyclus-2-2

(1) Henk van Bennekum, Cyclus 2 1981 / 2011; gecoat staal, b 750 cm,250, Ø 500 cm

Rosalinde van Ingen Schenau (2)

roselinda-van-ingen-schenau

(2) 250 x 150 x 125 cm ?

Opleiding Willem de Kooning academie

PERISHABLE FLOWERS VUNERABILITY of flowers catched in cold hard metal. Flowers are used as a classical symbol for the transitional nature of life. The silhouette of a vibrant floral piece has been cut out of a CorTen steel surface. The sculpture is telling a story of former glory and it will change under the influence of climate and time.

Bert Nijenhuis (3)

bert-nijenhuis

(3) Bert Nijenhuis, Meningvormend figuur, 1990; brons; 200 x 90 x 90 cm

Hengelo, 1960 AKI – Academie voor Kunst en Industrie Enschede
Woont en werkt in Boekelo
www.bertnijenhuis.nl

“De monumentale bronzen van Bert Nijenhuis zijn fors en indrukwekkend. Hij is geen man van details, maar iemand van het grote gebaar. De zwaar aangezette beelden zijn niet lomp of statisch, maar vol kracht, expressie en vitaliteit en bovendien dynamisch in hun lijnenspel en huid. De lineaire groeven in het oppervlak brengt hij met veel kracht aan, want het werk moet leven. De beeldhouwer koos zeer bewust voor figuratie omdat hij zichzelf ziet als onderdeel van het geheel; alleen via figuratie kan hij een brug slaan naar de expressie van zijn ideeën. Sommige van zijn beelden refereren sterk aan zijn persoonlijke belevingswereld”, schrijft Birgitta van Blitterswijk over het werk van Nijenhuis (Het Moment, 2010). Over het latere werk schrijft Peggie Breithbarth: “In het werk van Bert Nijenhuis staat de menselijke figuur centraal. In een ruw ongeschaafde vorm, de brokken klei met kracht op zijn plaats geduwd, bouwt Nijenhuis aan hun typerende houdingen. Alle geestesgesteldheden, van woede, teleurstelling, wanhoop, melancholie en domheid tot opluchting, blijdschap en trots kan hij uit de klei tevoorschijn toveren.”

Nick Renshaw (4)

(4) Nick Renshaw; Kupfernickel, 2007; Keramiek; 130 x 40 x 30

 

York, UK, 1967 Gerrit Rietveld Academie, Amsterdam (Keramische Vormgeving)
Sandberg Instituut, Amsterdam (Vrije Vormgeving)
Pratt Institute, New York, USA
Woont en werkt in Amsterdam

Nick Renshaw maakt keramische beelden. Mensbeelden. Wachters, Dromers en Vrienden in verschillende formaten, in een stille stramme houding, met een te groot hoofd of een te klein lijf, met een puntmuts, geglazuurd in pasteltinten of bedekt met veelkleurig mozaïek.
Het oeuvre van Renshaw telt een grote diversiteit aan verschijningsvormen. Hij speurt naar wat de mens beweegt en wat zijn identiteit bepaalt. De mensfiguren zijn teruggebracht tot een elementaire vormentaal en herinneren aan de vroege kindertijd door de eenvoudige verbeelding van het menselijk lichaam met rechte ledematen en een gezicht dat bestaat uit de meest basale vormen, vaak weergegeven door uitsparingen in het glazuur voor ogen, mond en neus.
De beelden dragen soms maskers, zijn kleur- en fantasierijk, zijn absurdistisch en hebben door verhoudingen iets onbehaaglijks. Vanaf 2006 ontstond de serie Kupfernickel, figuratieve sculpturen waarin de nadruk ligt op de ‘geklede’ aspecten van de menselijke figuur. Enkele beelden zijn bedekt met een glazuurlaag die doet denken aan chocolade, de huid bij andere beelden roept associaties op met katoen wol. De verkleinde figuren uit deze serie roepen een ongemakkelijk gevoel op, alsof ze ieder moment tot leven kunnen komen. De glanzende heldergele glazuur op één figuur doet denken aan de beschermende pakken van brandweerlieden, de matwitte glazuur op een ander beeld aan de kleding van forensisch onderzoekers of rampenbestrijders. Renshaw zinspeelt met de serie beelden op zowel de ingebeelde als de werkelijke gevaren die de kijkers van nieuwsuitzendingen bedreigen.
Kupfernickel (2007) refereert aan oeroude figuren, archaïsch beeldhouwwerk en hedendaagse gestileerde beelden. De figuur draagt een stille, geduldige en droomachtige boodschap en functioneert tevens als vorm waarop een reeks regelmatige horizontale strepen te zien is. Deze horizontale delen refereren aan verpakkingen, een omhuld figuur, lagen kledingstukken, of contouren die de subtiele variaties in karakter aangeven.

(4) Nick Renshaw; Kupfernickel, 2007; Keramiek; 130 x 40 x 30

Linda Verkaaik (5)

linda-verkaaik-2

(5) Linda Verkaaik, Ecce Homo, 1997; brons,verzinkt staal;200x70x200 cm

Utrecht, 1956 Academie voor Beeldende Kunsten, Utrecht (Beeldhouwen) Rijksakademie van Beeldende Kunsten, Amsterdam (Beeldhouwen)
Woont en werkt in Nijkerk
www.lindaverkaaik.nl

De veelzijdig uitgewerkte thema’s in het werk van Linda Verkaaik tonen niet alleen een uitgestrekt vakgebied, maar laten ook een scala aan intensief en creatief onderzoek zien. Naast muziek, teksten en theater zijn kunstenaars als Marc Chagall (1887-1985), Christo (1935) en Antoni Gaudi (1852-1926) haar inspiratiebronnen. De onuitputtelijke fantasie in de geschilderde vertellingen van Chagall, het minutieus bewerken, kleuren en vormgeven van iedere centimeter in de architectuur van Gaudi en de enorme projecten in de openbare ruimte van Christo, waarin hij de sociale, politieke en onbeschreven menselijke verhoudingen blootlegt, intrigeren en stimuleren haar. Het is werk dat op het eerste gezicht luchtig en laagdrempelig lijkt, maar waar de achterliggende gedachte de reden van het maken is. De toegankelijkheid van het werk maakt dat je je snel laat verleiden om met meer aandacht naar het verhaal te luisteren. Een verhaal als een totaalervaring… waarin anno nu alles met alles verbonden wordt: beeld, geluid, video en beweging.

Marcel van Zijp (6)

Marcel va Zijp; Blue Heavens Boogie; zwart graniet; 420 x 100 x 100 cm

Rijswijk, 1958
Academie van Beeldende Kunsten Psychopolis Den Haag
Als steenhouwer autodidact
Woont en werk in Wouwse Plantage
www.vanzijp-sculpturis.com

Na zijn opleiding als graficus volgt van Zijp de Academie van beeldende kunsten Psychopolis te Den Haag.

Vanaf midden jaren tachtig -na een ontmoeting met de Belgische zanger / beeldhouwer Willem Vermandere- maakt Van Zijp de overstap naar het werken in steen. Van hem leert hij ook het klieven van blokken steen. Anders dan Willem Vermandere die met zijn spontane werk de invloed van de Cobra generatie heeft ondergaan, slaat Van Zijp een andere weg in, hij begint namelijk met een gedetailleerd uitgewerkt plan.

In de jaren negentig is de cirkel een veel voorkomend motief in zijn vrije werk. Het is een periode waarin hij vooral de verschillende soorten natuursteen verkent, en daarbij ook de techniek van het hakken. De huid van zijn sculpturen worden veelal fijn geschuurd, of gepolijst. Het werk is dan ook ingetogen en er is een zekere invloed van beeldhouwers zoals Constantin Brancusi en Isamu Nuguchi te bespeuren. Naast het vrije werk is Van Zijp vanaf de vroege jaren negentig ook actief als freelance steenbeeldhouwer/letterhakker. Zo krijgt hij veel ervaring in het bewerken van natuursteen. In 2001 verhuist hij met partner Renée Sampiemon van Den Haag naar het West-brabantse Wouwse Plantage, waar hij een eigen atelier en beeldentuin realiseert.